
Het jarenlange proces over de ingangsdatum van de landrechten is in december dan eindelijk afgesloten met een duidelijke uitspraak in het voordeel van de Inheemse Volken.
Tegenstanders uit de agrowereld e.d. hanteerden de stelling dat alleen grondgebieden die de Inheemse Volken op het moment van de invoering van de nieuwe Grondwet in 1988 in hun bezit hadden (Marco Temporal) ook werkelijk hen toebehoorden. Wat nadien toegewezen was of nog door de indianen geclaimd wordt, zou allemaal ter discussie staan.

Het gerechtshof had in 2023 al vastgesteld dat deze uitleg ingaat tegen de bedoeling van de genoemde grondwet. De Inheemse volken hebben dit altijd aangetoond en de Braziliaanse samenleving was hier ook volledig van overtuigd.
Het recht op de grond hangt samen met de vorming van Brazilië als land. Dat recht van de Inheemse Volken ‘staat in steen geschreven’. Zij hebben er niettemin dagelijks in een onvermoeibare strijd, om hun levenswijze te behouden, voor moeten vechten. De grond die hen was ontnomen terugpakken.
In haar commentaar op de uitspraak zegt het Indianenpastoraat CIMI het onbegrijpelijk te vinden hoe wetsvoorstel 14.701, dat de grondtoewijzing aanvocht 2 jaar in het parlement kon circuleren en voor vele bloedige conflicten in het land zorgde. De rechtbank had dit kunnen voorkomen met een herinnering aan haar eerdere uitspraak. Nu werden in deze periode afbakeningen geblokkeerd en nam het geweld tegen inheemse volken toe, precies in de gebieden die het meest door de wet werden getroffen. Levens gingen verloren, kinderen werden bedreigd, gemeenschappen kregen hun huizen verwoest en ambtenaren werden gepest omdat ze hun plicht deden.
CIMI noemt nog een aantal problemen in de uitspraak die in de toekomst voor nieuwe problemen in de landtoewijzing kunnen zorgen. Zo laat de uitspraak economische exploitatie door derden, niet Inheemse mensen toe, die op huurbasis de gronden kunnen gebruiken. Het recht op exclusief vruchtgebruik is in de grondwet echter niet onderhandelbaar. Het meest kritieke punt ligt echter in de discussie over vergoeding en het zogenaamde “recht op behoud”. De indringer kan op het land blijven totdat hij betaling heeft ontvangen – een “recht op behoud” dat landroof vastlegt en afbakeningen onhaalbaar kan maken.
Over meerdere van deze punten waren de rechters niet unaniem. Waar ze wel consensus over hadden – en dit is een duidelijke overwinning voor de volken : de grondgebieden behoren de Inheemse Volken toe, los van de datum van de grondwet. Deze gronden kunnen worden uitgebreid. De staat creëert geen rechten of territoria; het erkent ze alleen. Ze zijn collectief opgebouwd, aan de rand van de officiële geschiedenis, in heilige strijd, met eeltige handen en met nagedachtenis aan degenen die vielen.
Voor meer info: