17 oktober – ‘Werelddag van Verzet tegen Extreme Armoede’

Op 17 oktober 1987 werd door Père Joseph Wresinski, op het Plein van de Mensenrechten in Parijs, de eerste gedenksteen onthuld met de tekst:

“Waar mensen in armoede moeten leven worden de Rechten van de Mens geschonden.
Zich verenigen om die rechten te eerbiedigen is een dure plicht.”

In 1992 hebben de Verenigde Naties deze dag tot ‘Werelddag van Verzet tegen Extreme Armoede’ uitgeroepen.

Dit jaar is het thema: voor iedereen sociale en duurzame gerechtigheid waarmaken.

De erkenning groeit, dat armoede vele kanten heeft. Dit betekent ook, dat duurzaamheid en armoede
onlosmakelijk met elkaar verweven zijn. Het is een wereldwijd urgent probleem, dat het leven van iedereen
verandert.
Wereldwijd blijft de situatie van het milieu verslechteren. Het herstellen en beperking van schade aan onze
leefomgeving ontbreekt.
Dit leidt ertoe, dat de mensheid meedogenloos naar een steeds meer vergiftigde en beschadigde wereld
toe gaat. We blijven vitale natuurlijke hulpbronnen verkeerd beheren en uitbuiten. Dit geldt voor land,
zoetwater en onze oceanen.
Dit heeft een grote invloed op het levensonderhoud, de voedselzekerheid en de gezondheid van mensen
die in armoede leven.

In Nederland wordt geadverteerd met allerlei maatregelen om duurzaam te leven. Maar zijn die ook
toegankelijk voor huishoudens die al jarenlang op en onder het minimum moeten leven ?

Woordvoerders van de Vierde Wereld noemden op:
– Wij wonen in slechte woningen, in wijken waar nauwelijks zon komt. Op allerlei levensgebieden zijn we
afhankelijk gemaakt van hulpverlening. Wij kunnen niet kiezen.

– De meeste voorstellen voor het duurzaam maken van de woningen zijn gericht op
huiseigenaren. Zonnepanelen bijvoorbeeld. Dat betekent huurverhoging. Of woningcorporaties
doen er niks aan, want ze vinden het niet rendabel.

– Veel van onze woningen zijn oud, tochtig, moeilijk te verwarmen, en slecht geïsoleerd. Het
duurt vaak lang voor lekkages worden gerepareerd; en wie moeten die betalen? En wie betaalt
de dubbele ramen die nodig zijn ?

– Als je afhankelijk bent van de voedselbank kun je niet kiezen voor gezonde maaltijden.
De natuurwinkels staan meestal niet in arme wijken, maar in het centrum van de stad of in meer
welvarende wijken die voor ons te ver weg zijn. Bovendien is het ‘verantwoorde’ voedsel
meestal duurder dan het eten uit de goedkopere supermarkten.

– Huishoudens worden soms van het water afgesloten, omdat hun waterverbruik zo laag is, dat
de meter aangeeft dat het onder de norm is. De maatschappij gaat er dan vanuit dat er
gefraudeerd wordt. Maar de bewoners zijn gewoon erg zuinig, omdat ze elke cent moeten omdraaien.

– Groene ruimte: in de meeste arme wijken is weinig groen; dus slechtere lucht, ongezondere
leefomgeving, arme woonwijken liggen vaak dichter bij vervuilende industrieën.

Woordvoerders van de Vierde Wereld deden ook een groot aantal aanbevelingen.

De belangrijkste is: samen overleggen tussen organisaties van mensen die in armoede leven met de
overheden op de verschillende niveaus en samen bij de oplossingen betrokken worden.
Maar ze geven ook het goede voorbeeld: ze zijn gewend sober te leven; hergebruik en reparatie van
goederen, vervoermiddelen en meubels doen ze al generaties lang.

Wereldwijd gaan milieumaatregelen, voor welvarende landen als Nederland, gepaard met uitbuiting van
armen in andere werelddelen.
Zo is voor de batterijen van elektrische auto’s lithium nodig. Dat wordt opgegraven uit mijnen in Chili, Zuid
Amerika en Australië. De mijnwerkers verdienen nauwelijks genoeg om hun families te kunnen
onderhouden en de bevolking wordt steeds zieker door de kankerverwekkende lucht- en bodemvervuiling.
Het is dus van levensbelang, dat de armen en hun organisaties een stem moeten hebben in de
ontwikkeling van een rechtvaardig en doeltreffend klimaatbeleid.

Jaarlijks sterven ongeveer 1,4 miljoen mensen aan ziekten die voorkomen kunnen worden, zoals diarree
en darmparasieten, die verband houden met slechte sanitaire voorzieningen en gebrek aan toegang tot
schoon drinkwater. Luchtverontreiniging, van smog in steden tot rook in huis, vormt een grote bedreiging
voor de gezondheid en doodt wereldwijd jaarlijks naar schatting 7 miljoen mensen. 9 op de 10 mensen
ademen lucht in die veel verontreinigende stoffen bevatten.

Miljoenen mensen zouden nog verder in armoede kunnen worden gedompeld, aangezien
klimaatverandering en verslechterende milieuomstandigheden het voor hen moeilijker maken om een
fatsoenlijk bestaan op te bouwen.

Een boer in Haïti zei ons: “We verliezen de controle over de seizoenen en weten niet meer wanneer we
moeten zaaien. Ik heb geld uitgegeven om een klein stukje land te laten ploegen. Ik kon niet zaaien omdat
het niet regent. Ik moest kiezen om alleen het geld dat aan het wieden is besteed te verliezen. Anders zou
ik ook nog het geld voor zaad verliezen.”

Dan hebben we het nog niet gehad over andere wereldwijde problemen. Het ernstige verlies van
biodiversiteit door ontbossing, verandering in landgebruik en onverantwoord handelen door de mens. Het
onjuist gebruik van pesticiden, zware metalen, plastic en andere stoffen. Dat zorgt ervoor dat dergelijke
verbindingen op een alarmerend hoog niveau in ons voedsel verschijnen. Zo zijn microplastics aanwezig
in het voedsel dat we eten, in het water dat we drinken en in de lucht die we inademen.

Bovendien is onze zwakke vooruitgang op weg naar sociale en duurzame rechtvaardigheid abrupt
verstoord door de verwoestende pandemie van het coronavirus. Deze heeft al miljoenen mensen besmet
en honderdduizenden mensen gedood.

De pandemie heeft de manier waarop we fysiek met elkaar omgaan veranderd, maar heeft ook de
schijnwerpers gezet op de ernstige en aanhoudende ongelijkheid, waarmee onze samenlevingen te kampen hebben.
Het heeft ook laten zien hoe we proberen om extreme armoede, sociale ongelijkheden, klimaatverandering
en vervuiling aan te pakken.

De economische ontwikkeling en consumptie hoeft niet ten koste van alles te groeien. We moeten echt
werken aan een rechtvaardig milieubeleid dat samengaat met een rechtvaardig sociaal beleid, en een
rechtvaardig beleid op het gebied van geestelijke en lichamelijke gezondheid. Dat moet centraal staan.
Voordat de Coronacrisis wereldwijd toesloeg, was al bekend hoe roekeloos de mensheid met de
gezondheid en de natuurlijke leefomgeving omgaat. Talloze families die in extreme armoede leven werken
en spelen bij de ergste bronnen van vervuiling, de ergst gedegradeerde en kwetsbare natuurgebieden.
Mensen die in extreme armoede leven zijn de eersten die besluitvaardig in hun gemeenschappen actie
ondernemen tegen armoede, klimaatverandering en uitdagingen van de leefomgeving.
Bijvoorbeeld;
Ze hebben geleerd zuinig te zijn met gereedschappen en materialen; herstellen kapotte apparaten,
meubels en kleding; nemen deel in kringloop van goederen, consumeren minder dan de gemiddelde
burger om kosten te sparen, hergebruiken bijvoorbeeld badwater om de was in te doen of de vloer te
dweilen. … In feite leven ze al lang heel zuinig en zijn ze inventief en creatief geworden. Al ver voor de
waarschuwingen van de milieu wetenschappers. Zij geven veel om mooie en schone natuur, om er te
kunnen ontspannen, nieuwe ideeën op te doen, en mee te werken, zoals we op de vakantie- en
ontmoetingscentra van ATD Vierde Wereld al decennia ervaren.

Maar hun pogingen en ervaringen blijven vaak onopgemerkt en worden vaak ondergewaardeerd. Men ziet
hen niet als voorvechters van verandering. Hun stem wordt niet gehoord, vooral niet in internationale
organisaties.
Dit moet veranderen. Hun deelname, kennis en bijdrage moeten erkend en gerespecteerd worden. Zij
moeten officieel mee kunnen doen om een gelijkwaardige en duurzame wereld op te bouwen, waarin
sociale en duurzame rechtvaardigheid voor iedereen bestaat.
Regeringen moeten bevorderen, dat mensen die in armoede leven, daarin een gelijkwaardige plaats
krijgen. Met hun kennis en ervaring kunnen ze een bijdrage leveren de dreigende economische en
klimatologische neergang te verminderen.

De Verenigde Naties kunnen zorgen dat de duurzaamheidsdoelen in 2030 worden bereikt, als de
aangesloten landen ook de armoedebestrijding daarin meenemen, en daarin de armsten en meest
uitgeslotenen een volwaardige stem geven.

——————

“De vieringen van de Internationale Dag van Uitroeiing van Extreme Armoede bevordert de dialoog en het
begrip tussen mensen die in armoede leven, hun gemeenschappen, en de samenleving als geheel.
“Het vertegenwoordigt een gelegenheid om de pogingen en strijd van de armsten te erkennen, een kans
voor hen om hun zorgen te doen horen en een moment om te erkennen dat arme mensen vooraan staan
in de strijd tegen armoede” (uit VN-rapport van het Secretariaat Generaal, A/61/308/para. 58)